English Nederlands

Nieuwsbrief detail

[nieuwsbrief] Boeren voor Natuur - maart 2007


7 maart 2007: De stap is gezet

Jaren na de mededeling van Jan Duijndam “Ik wil wel proefkonkijn zijn” is het dan eindelijk zo ver: op Hoeve Biesland is op 7 maart de samenwerkingsovereenkomst ‘Pilot Boeren voor Natuur in de polder van Biesland’ ondertekend. Een feestelijk moment, niet alleen voor Jan en Mieke Duijndam zelf, maar ook voor al die mensen die zich in de lange aanloopfase hebben ingezet om de start van deze pilot mogelijk te maken. En dat zijn er velen! De tent die is neergezet om alle gasten te ontvangen is maar net groot genoeg en het aantal stoelen is verre van toereikend. De positieve spanning van dit moment krijgt een extra dimensie door de aanwezigheid van de kersverse minister van LNV, Gerda Verburg.

Terwijl het voor sommigen moeilijk is de ogen af te houden van de voorjaarsdartels van de Montbeliarde-koeien die door het raam van de tent met het gezelschap meekijken, is de minister blij dat juist deze aftrap één van haar eerste officiële optredens in het land is. Het project verbindt stad en platteland, landbouw en natuur. “Een uniek project in Europa”, aldus de minister, “waarin we onderzoeken hoe we boeren kunnen betalen voor een schone en eerlijke productie van landbouw en natuur, zonder de markt te verstoren.” Zij prijst onder andere de betrokkenheid van de omgeving en de openstelling van de boerderij voor kinderen. Ook doet ze een oproep aan overheden in de rest van het land om goed te kijken naar de behoeften van stedelingen en te investeren in de groene, open ruimte. Zij wil in elk geval betrokken blijven bij dit initiatief en ziet er toekomst in. “Als het goed loopt, zal ik me er sterk voor maken dat we zo snel mogelijk meer van dit soort projecten van de grond krijgen” zo meldt zij aan het einde van haar toespraak.

De gedeputeerde van de provincie Zuid Holland, Leen van der Sar, heeft als voorzitter van de stuurgroep het regionale proces getrokken. Op zichzelf een uniek proces omdat zoveel bestuurslagen en zoveel regionale partijen betrokken waren. Vooral door het tijdrovende traject van de staatssteunprocedure heeft het veel langer geduurd dan destijds gedacht. Van der Sar geeft aan dat hij zich hierover menigmaal beschaamd heeft gevoeld ten opzichte van de ondernemers in kwestie, de familie Duijndam. “Het was soms alsof je door stroop liep en daar kan ik niet zo goed tegen” legt hij uit. “Maar met dit als resultaat was het zeker de moeite waard”. Het feit dat het in de polder van Biesland om één boer gaat wekt regelmatig verbazing. Van der Sar nuanceert: “Zie hoeveel betrokken en enthousiaste mensen hier nu aanwezig zijn, dat is veel meer dan die ene, enkele boer; bovendien staat in Twickel een aantal boeren in de startblokken om over te schakelen naar Boeren voor Natuur.”

Het optimisme en de motivatie van Jan en Mieke zelf vormen een belangrijke factor die verschillende sprekers memoreren. “Met een aanstekelijk enthousiasme zoeken jullie naar een vorm van agrarisch ondernemen die sterk natuurgericht is en duurzaam” aldus Annie Beckers die namens de Stichting Vrienden van Biesland het woord krijgt. “Hiermee hebben jullie een grote kring van denkers en doeners aan je weten te binden.” Zij benadrukt dat het goed is dat bewoners en gebruikers van het gebied eigen verantwoordelijkheid nemen voor natuur en landschap, zoals dat hier nu gebeurt.

Nadat koe Cora met enig stampij de documenten in de tent heeft afgeleverd, gaan de betrokken bestuurders vanaf de eerste rij het podium op voor de ondertekening van de overeenkomsten. De dagvoorzitter, Roelof Balk van het Nationaal Groenfonds, grijpt dit moment aan om de aanwezigen als een ware quizmaster (roeping gemist?) uit te dagen voor een Boeren voor Bieslandquiz. Geluiden van diersoorten op en rond de boerderij passeren de revue. Niet geheel verrassend vallen de prijzen bij diegenen die goed op de hoogte zijn van vogelgeluiden, want vogels zijn er in de polder! De aandacht blijft echter niet alleen bij de polder van Biesland. Ook het bijzondere karakter van het landschap van Twickel komt nog even aan de orde: een fraai, kleinschalig landschap waarvan de bewerkingskosten relatief hoog zijn. De heer Schimmelpenninck, rentmeester van het landgoed, geeft aan dat er wat betreft de landschapsgerichte bedrijfsvoering op Twickel nog een noot te kraken is. Bovendien geldt de goedkeuring die de EU nu gegeven heeft voor natuurgerichte bedrijven voor melkveehouderijen, vooralsnog niet voor schapenhouderijen. Dat is nog ‘werk in uitvoering’ op de Brusselse burelen. Niettemin nodigt de rentmeester de minister nu al van harte uit om in de zomer van 2007 bij de ondertekening van de contracten op Twickel aanwezig te zijn. Boer Luttikhedde trakteert Jan en Mieke Duijndam vervolgens op een heuse, echte Twentsche krentewegge.

Jan Duijndam is nu aan zet. Hij moet het werken volgens het principe Boeren voor Natuur waar gaan maken. Ondanks alle hobbels op de lange weg naar dit moment, heeft hij zijn enthousiasme behouden. Nu komt het er op aan alle ideeën ook daadwerkelijk uit te voeren. Van alle kanten zullen de ontwikkelingen worden gevolgd én worden gesteund, door vrijwilligers, door onderzoekers en andere professioneel betrokkenen. Het Nationaal Groenfonds zal de uitvoering van de financieringsconstructie ter hand nemen. En dat alles voor één boer, hoe uniek ook? Nee. De grote uitdaging ligt er natuurlijk in dat alle energie die hierin is gestoken en die tot dit positieve resultaat heeft geleid, wordt verbreed naar andere gebieden. Ook daar moet werk van worden gemaakt.

De afspraken in Zuid-Holland

De Europese goedkeuring van juli 2006 heeft de onderhandelingen over de inhoud van het contract in een stroomversnelling gebracht. Het leek wel alsof iedereen zich er nu pas echt in kon verdiepen. Met als gevolg dat er veel is veranderd!
De provincie Zuid-Holland, en dus niet de eerder voorziene regionale stichting, maakt namens alle financiers de afspraken met de boer. Dit lijkt een kleine wijziging. Echter doordat de Provincie ervoor kiest dit niet te doen via een privaatrechtelijke overeenkomst, belandt daarmee ook het idee om de voorwaarden te regelen via een  erfdienstbaarheid in de kast. Een erfdienstbaarheid is immers een privaatrechtelijke constructie. En dàt is een grote wijziging, omdat de erfdienstbaarheid er juist voor zorgde dat de maatregelen ‘aan de grond en niet aan de persoon gebonden’ zouden zijn. Die ‘grondgebondenheid’ betekent dat ook een opvolger in de polder van Biesland natuurgericht zou moeten boeren. De provincie is van mening dat het bestuursrechtelijk zuiverder is om te werken met een subsidie. Hoe dan toch de duurzaamheid garanderen? Gekozen wordt voor een zogenaamde boekjaarsubsidie, die 30 jaar lang jaarlijks moet worden aangevraagd, tenzij de pilot tussentijds stopt. In de toetsingsvoorwaarden zijn de Boeren voor Natuur-maatregelen opgenomen. Een ‘kwalitatieve verplichting’ moet ervoor zorgen dat de maatregelen aan de grond gekoppeld zijn. Met het afsluiten van zo’n kwalitatieve verplichting zijn overheden, in tegenstelling tot de erfdienstbaarheid, wèl vertrouwd. Zo is de geldstroom in het juridisch bekende jasje van de subsidie terecht gekomen, en zijn de afspraken toch aan de grond gekoppeld.
De provincie Zuid-Holland betaalt jaarlijks de subsidie uit, mede namens de regionale overheden en het Rijk. De afspraken tussen de financierende overheden zijn vastgelegd in een Samenwerkingsovereenkomst. De Provincie opent een rekening bij het Nationaal Groenfonds, waar de gemeenten en het stadsgewest hun bijdrage op storten.
Het is nog zoeken naar een juridisch systeem dat privaatrechtelijke en publiekrechtelijke zaken met elkaar verbindt. Hopelijk biedt de gevonden oplossing in de tussentijd wat ervan verwacht wordt: duurzaamheid van beheer en ruimte voor een stevige regionale inbedding. Want zekerheid voor boer, natuur èn samenleving was tenslotte het einddoel.

Twickel wil wel landschapsgericht kunnen werken

Landschapselementen zoals houtwallen, stijlranden en individuele bomengroepen bepalen het karakter van het landgoed Twickel. Zeven bedrijven hebben zich aangeboden om landschapsgericht te gaan werken. Het Europese besluit van juli 2006 kwam voor hen en voor het landgoed dan ook hard aan. De omschrijving in de beschikking van de landschapsgerichte maatregel wordt op Twickel beschouwd als onuitvoerbaar; vooral het feit dat de grond aan elke vorm van agrarische activiteit moet worden onttrokken vormt een obstakel. Maar waar een wil is, is een weg en dus bedachten de initiatiefnemers een oplossing. Met privaat geld is er geen sprake van staatssteun en kan de oorspronkelijke opzet toch worden uitgevoerd. Het plan is om een private stichting op te richten, die de landschapsgerichte vergoeding kan betalen en fondsen kan werven bij particulieren en het bedrijfsleven. Op het bestuurlijk overleg van 9 februari is met deze werkwijze ingestemd, waarbij is afgesproken tegelijkertijd te blijven zoeken naar mogelijkheden om met overheidsmiddelen bij te dragen aan het herstel en beheer van het cultuurlandschap.

Andere inititatieven: boerenlandgoed in Boxtel
De pilot Boeren voor Natuur wordt uitgevoerd in de polder van Biesland en op het landgoed Twickel. De visie Boeren voor Natuur wordt echter op tal van plekken opgepakt en – soms in aangepaste vorm - toegepast. In de komende nieuwsbrieven willen we een paar van deze initiatieven in de schijnwerpers zetten.

Bij Boxtel ligt “boerenlandgoed” De Bleek van Peter Oomen. Het project wordt uitgevoerd in het kader van het  EU Lifescape project van de provincie Noord Brabant. Het concept Boerenlandgoed bouwt voort op Boeren voor Natuur,  gekoppeld aan het idee van de gemeente Boxtel om het instrument  “Rood voor Groen” in te zetten voor natuurvriendelijke landbouw rond de gemeente Boxtel. De financiering wordt geregeld door het toewijzen van een aantal bouwlocaties op het landgoed. Het gaat daarbij om privaat geld. Het doorlopen van de staatssteuntoets is dan niet noodzakelijk. Met de opbrengsten van de bouwkavels wordt de waardedaling van de grond die optreedt doordat de bestemming van de landbouwgronden wordt gewijzigd in ‘natuur’, gecompenseerd. Door de bestemmingswijziging wijkt de aanpak af van die in Biesland en Twickel. De 30 hectare grote boerderij wordt gecombineerd met het beheer van 1000 hectare heide in het natuurgebied Kampina, eigendom van Natuurmonumenten. Dat is mooi, want om duurzaam een gesloten kringloop te kunnen maken, moet er ‘oogstgebied’ van mineralen zijn. Dat oogstgebied wordt voor de Bleek de genoemde heide. Verder wordt op de akkers buiten de EHS veevoer geteeld voor het vleesvee (rundvee). Het bedrijf werkt met een gesloten mineralenkringloop met een potstal en het vlees wordt aan huis verkocht.

Kinderdoeboek en film Boeren voor Natuur
Het doeboek Boeren voor Natuur is af! Dit betekent dat schoolklassen die het bedrijf van Jan en Mieke Duijndam bezoeken vanaf nu een leerzaam en leuk doeboek mee naar huis krijgen. Ook op de scholen zelf kunnen ze er mee aan de gang. Voor leerkrachten is een handleiding gemaakt met ideeën en voorbeelden voor lessen. Benieuwd naar het resultaat? Bekijk het kinderdoeboek Hoeve Biesland of het kinderdoeboek Landgoed Twickel Biesland. Op de pagina Publicaties vindt u behalve de doeboeken zelf ook de ‘tipboeken’ voor de leerkrachten.

Al in 2005 zijn er plannen gemaakt om een film te maken over het concept Boeren voor Natuur. Ruim anderhalf jaar later kunnen we melden dat de film er is; op 7 maart is hij voor het eerst voor groot publiek vertoond tijdens de festiviteiten op Hoeve Biesland. De film vormt een prima uitgangspunt  voor een bijeenkomst over (of een toelichting op) Boeren voor Natuur en kan worden gebruikt voor verschillende doelgroepen. Binnenkort is deze film ook te bekijken via deze website.

AGENDA

  • Voorjaar 2006: Visexcursie (‘nulmeting’) in de Polder van Biesland

NIEUWE PUBLICATIES

  • Kinderdoeboek Hoeve Biesland, 2007
  • Kinderdoeboek landgoed Twickel, 2007
  • DVD “Boeren voor Natuur, natuurbeheer als volwaardig bedrijfsdoel”, 2007