English Nederlands

Nieuwsbrief detail

[nieuwsbrief] Boeren voor natuur - november 2009


Een look-alike in Denemarken

De internationale vergelijking Boeren voor Natuur en Catalogus Groenblauwe Diensten die in 2008 en 2007 is uitgevoerd, leverde allerlei interessante, unieke initiatieven op in het buitenland (zie daarover de eerdere nieuwsbrieven), maar er was er maar één bij die echt leek op Boeren voor Natuur. Daar moesten we dus maar eens gaan kijken. In augustus reisden Gerard van Wakeren (LNV) en Judith Westerink (Alterra) af naar Denemarken om een project te bekijken dat zich in het Engels zelfs eens ‘Farming for Nature’ noemde. De kwartelkoning is het handelsmerk: ‘Operation Engsnarre’ is de lokale naam van het project.

We werden ontvangen en rondgeleid door een delegatie van de Bos en Natuurdienst (ministerie van milieu), de lokale boerenunie, en een natuur- en milieucentrum. In het veld spraken we met één van de melkveehouders die bij het project is betrokken.

De Varde is de enige grote rivier van de Deense Waddenzee die niet gereguleerd is door dijken en sluizen. De rivier mondt uit in de Ho Bugt (de Ho baai), een ondiepe baai die het noordelijkste gedeelte van de Waddenzee vormt. De Varde is ecologisch gezien erg interessant omdat in de riviermond eb en vloed nog op een natuurlijke manier functioneren. De weilanden rondom de riviermonding overstromen ongeveer 10 keer per jaar bij hoog water en storm, tot aan de stad Varde. Omdat de omgeving van de rivier belangrijk is voor bepaalde vogels, met name de kluut, is het in 1979 aangewezen als een Vogelrichtlijngebied (later ook RAMSAR en Habitatrichtlijn, inmiddels onderdeel van Natura 2000).

In de jaren ‘80 van de vorige eeuw is de landbouw in dit gebied echter steeds verder geïntensiveerd, waarbij men zich met name richtte op de productie van (gedroogd) gras ten behoeve van veevoer. Hiervoor werd drainage toegepast en steeds meer kunstmest gebruikt. Deze intensivering was schadelijk voor de ecologie in dit gebied. In de jaren ‘90 daalde de prijs van het belangrijkste gewas (grass pellets) dramatisch. Het verlies van inkomen dreigde voor veel boeren het einde te betekenen van hun bedrijf. Het ministerie van landbouw stelde dat het gebied uitermate geschikt was voor traditioneel beheer met gebruik van extensieve methoden van maaien en grazen. De Varde Farmers Union (VFU) nam vervolgens het initiatief om daarvoor een aanbod te formuleren, om de grond in boerenhanden te kunnen houden. De toenmalige voorman van de VFU heeft volgens diverse betrokkenen een doorslaggevende rol gespeeld bij het verkrijgen van draagvlak onder de boeren in het gebied.


Voor de restoratie van dit belangrijke vogelgebied is een project opgezet en is geld gevraagd en gehonoreerd bij LIFE (een fonds van de EU). Het LIFE project (1999-2002) richtte zich met name op inrichtingskosten voor het waterrijk natuurbeheer. Diverse ingrepen zijn gedaan om de drainage te verminderen. Tegelijkertijd is een ruilverkaveling uitgevoerd. Boeren die niet mee wilden doen hebben grond buiten het projectgebied gekregen, en boeren die wel mee wilden doen kregen grond in het projectgebied. Daarnaast zijn in het kader van landbouwmilieu¬maatregelen contracten gesloten. De VFU heeft een belangrijke rol gespeeld in het ontwerp van de regeling. De landbouwmilieumaatregelen omvatten:

  • Het tolereren van een hoge grondwaterstand (-0,10 m in de winter, -0,30 in de zomer)
  • Geen bemesting
  • Geen gebruik van pesticiden
  • Extensieve begrazing (< 1,4 LU/ha)
  • Uitgestelde maaidatum > 25 juni
  • Vogelvriendelijke maaimethoden
  • Geen herverpachting gedurende de contractperiode.


De vergoeding (ongeveer € 400,-/ha/jaar, jaarlijks geïndexeerd op basis van de prijs van toeleverende producten) wordt als goed ervaren. De contracten omvatten 2800 ha, van 400 landeigenaren, in gebruik bij 250 boeren. De totale kosten van de landbouwmilieumaatregelen zijn 15-20 M€, plus 200 uur per jaar ondersteuning vanuit het ministerie van Milieu (Bos en Natuur Dienst). De landbouwmilieusubsidies worden betaald door het ministerie van Landbouw en gecofinancierd vanuit POP. In elk geval gaat het om een unieke regeling, ook voor Denemarken, die alleen in dit gebied geldt. De betrokkenen kenden geen ander initiatief dat afwijkt van de landelijke landbouwmilieuregeling.

Opvallend is dat er afspraken zijn gemaakt voor een pakket van maatregelen dat over 20 jaar loopt (1999-2019). Het was de eerste regeling die door Brussel werd goedgekeurd met zo’n lange termijn. Belangrijke argument voor het toestaan van deze lange termijn waren de ingrijpende verandering van het watersysteem en de daarmee gepaard gaande investeringen in kunstwerken.

Het project loopt nu ongeveer 10 jaar. Al die tijd wordt gemonitord op vegetatie, vogels, insecten, nutriënten/waterkwaliteit en bedrijfseconomie. Het herstel van het ecosysteem gaat langzaam, ondanks de ingrijpende maatregelen. Wellicht dat de periodieke overstromingen met nutriëntenrijk waddenslib een rol daarbij spelen. De Deense ecologen schrijven het toe aan de keuze van boeren om te maaien in plaats van te begrazen. Hoe dan ook is een belangrijke les dat het herstel van natuurwaarden tijd kost. Dit is een ander belangrijk argument voor het streven naar langjarige contracten.

  • Het project heeft opvallende overeenkomsten met het Nederlandse project Boeren voor Natuur:
  • Een bottom-up initiatief, aangezwengeld door boeren, met een grote betrokkenheid van lokale overheden en lokale partijen.
  • Een lokaal initiatief, toegespitst op het landschap en de natuur van het gebied. 
  • Langjarige contracten: Boeren voor Natuur heeft contracten van 30 jaar.
  • Een uitzondering door Brussel: ook voor Boeren voor Natuur werd uitvoering toegestaan voor een langere periode dan gebruikelijk (10 jaar i.p.v. 5-7 jaar) vanwege de ingrijpende aard van de maatregelen.
  • Een vorm van niet-aanvoer van nutriënten. In Varde gaat het om niet-aanvoer op perceelsniveau; bij Boeren voor Natuur gaat het om niet-aanvoer op bedrijfsniveau (gesloten kringloop).
  • Aanpassing van het watersysteem: natuurlijker peilbeheer en verminderen van drainage. 
  • Langjarige monitoring.



Het bezoek zette ons aan het denken over allerlei dingen. Hoe is het de Denen gelukt om contracten van 20 jaar goedgekeurd te krijgen? Hoe kunnen we in Nederland van het project leren, waar water ook zo’n grote rol speelt? Wat zou Boeren voor Natuur kunnen opleveren voor het Varde gebied? Het project betreft nu alleen de graslanden, terwijl het gebied wordt omgeven door hoger gelegen akkers. Wellicht dat werken met gesloten kringlopen de oude relatie tussen bouwland en grasland zou kunnen herstellen? Ook zette het ons aan het denken over monitoring: in dit gebied een kwestie van lange adem! De gebiedsgerichte aanpak is eveneens zeer relevant voor Nederland. Het project in Varde is er maar mooi in geslaagd om met boeren afspraken te maken voor een groot aaneengesloten gebied. Voor veel gebieden in Nederland is dat een lokkend perspectief.

Twickel twee jaar later

Het is alweer bijna twee jaar geleden dat de overeenkomsten rondom Boeren voor Natuur op Twickel werden ondertekend. In de tussentijd is er een hoop gebeurd. De asbestsaneringen op de bedrijven zijn nagenoeg afgerond. Op Erve Bokdam is de waterhuishouding aangepast en wordt op dit moment gewerkt aan extra opslagruimte. Op de foto is te zien hoe het waterschap de sloten op erve Bokdam heeft verondiept om water langer vast te houden. Op Erve Loninkwoner wordt nog dit jaar een begin gemaakt met de aanpassing van de waterhuishouding. In mei 2009 is de Stichting Boeren voor Natuur Twente opgericht, waarover wij in de vorige nieuwsbrief al berichtten. De Stichting Boeren voor Natuur Twente bezoekt voor het eind van het jaar alle drie bedrijven om te kijken in hoeverre zij hun bedrijfsvoering al zodanig ingericht hebben dat ze zonder aanvoer van mest en voer, en zonder gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen kunnen. Met de ondernemers worden afspraken hierover gemaakt voor het komend jaar.

De belangstelling voor het concept Boeren voor Natuur in de regio groeit. Inmiddels hebben de Stichting Vernieuwing Gelderse Vallei, het ministerie van LNV en Het Geldersch Landschap Erve Bokdam bezocht om kennis van het concept op te doen en te zien en horen hoe de ondernemer met het concept boert. Eind november komen gebiedsontwikkelaars van de provincie Gelderland op bezoek. Er zijn ook al concrete bedrijven die overwegen om te gaan ondernemen volgens het concept Boeren voor Natuur. Hoewel het nog de nodige inspanning zal kosten om de pilot goed op de rit te krijgen en alle betrokken partijen op tijd en op elkaar afgestemd datgene te laten doen dat hiervoor nodig is, zijn we zeker op de goede weg. Daarnaast is er dus nog de ambitie voor verdere opschaling. Daarvoor is fondsenwerving nodig, enthousiasmeren van ondernemers om mee te gaan doen, het sluiten en beheren contracten, voorlichting en promotie enz. Er wordt ook al voorzichtig nagedacht over vermarkting van de agrarische producten die op de Boeren voor Natuur-bedrijven worden geproduceerd.

Inrichting in Biesland in volle gang

De polder van Biesland is op de schop. In de Bovenpolder worden onder meer akkers en natuurvriendelijke oevers aangelegd. In de polder van Biesland komen een nieuwe sloot, sliksloten en nog meer natuurvriendelijke oevers. Het peilbeheer is aangepast. De sliksloten zijn vooral van belang voor lepelaars, maar dienen tevens als toekomstige rust- en foerageergebieden voor weidevogels. In de polder ziet het er nu ‘zwart’ uit, maar hopelijk betaalt het zich terug in veel planten- en dierenleven.


Op de foto is te zien hoe in oktober 2009 verschillende natuurvriendelijke oevers in de polder zijn aangelegd; de geleidelijke overgang van nat naar droog is goed zichtbaar. Dit is essentieel voor veel planten en dieren. Er is een billboard geplaatst met daarop de verschillende partners die deelnemen aan de inrichting van polder van Biesland in het kader van Boeren voor Natuur. Het volledige inrichtingsplan is te bekijken via deze link.

Bethunepolder weer van start

Het onderzoek in de Bethunepolder gaat weer van start. Onder leiding van de provincie is inmiddels een nieuw inrichtingsplan gemaakt en de plannen voor het peilbeheer zijn aangepast. Waternet en Staatbosbeheer denken samen na over het beheer van de polder. Beheer met inzet van de boeren in het gebied komt opnieuw ter sprake.

Agrarische Natuurpioniers

Persbericht van het Ministerie van LNV, 05-10-2009:
Ze zijn tien agrarische ondernemers die met passie het beheer van natuur en landschap in hun bedrijfsvoering hebben opgenomen. Pioniers voor wie er geen schutting tussen landbouw en natuur bestaat. Maandag 12 oktober staan deze ondernemers centraal tijdens de conferentie "Natuurlijk lukt het! Met meer boeren als natuurondernemer" in Fort Voordorp in Groenekan.

"Natuurlijk lukt het! Met meer boeren als natuurondernemer" is een bijzondere conferentie, waar LTO Nederland en het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) gezamenlijk de schouders onder hebben gezet. Het draait deze dag om de mogelijkheden die boeren hebben voor agrarisch en particulier natuurbeheer. Die mogelijkheden zijn er volop, zo blijkt uit de verhalen van de tien voorbeeldboeren.

Tijdens de conferentie wordt het natuurbeheer belicht tegen de achtergrond van doelen van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS), Recreatiegebieden om de Stad (RodS) en toekomstige veranderingen van het EU-landbouwbeleid. Wat moet er gebeuren zodat boeren hun kansen kunnen grijpen? Waar knelt het, waar is zit de uitdaging? De gezamenlijke verkenning die LNV en LTO in de praktijk hebben gedaan, heeft geleid tot een manifest met goede voorbeelden en aanbevelingen. Het manifest geeft een aantal concrete adviezen om de bestaande cultuur tussen boeren, overheden en natuurorganisaties te veranderen. Het manifest wordt aan het slot van de conferentie door minister Gerda Verburg van LNV en LTO-bestuurder Tammo Beishuizen gepresenteerd. (Einde persbericht)

Het kan geen toeval zijn: twee van deze tien boeren zijn betrokken bij Boeren voor Natuur: Willem van der Linden en Jan Duijndam. Zij waren beide aanwezig op de conferentie. Een leuke, interessante conferentie en uitstekend voor de contacten, zo was het oordeel van beiden. ”Mij was gevraagd te vertellen hoe ik als agrariër in de dagelijkse praktijk bezig ben met natuur”, aldus Van der Linden, die in de Bethunepolder actief is op een areaal van 200 ha, grotendeels bezit van Staatbosbeheer en Waternet. “Eigenlijk ben ik juist door de natuur boer geworden. Ik ben nu bezig over te stappen van zoogkoeien naar melkvee; de eerste Blaarkoppen worden inmiddels gemolken. Die zijn beter opgewassen tegen de omstandigheden in dit natuurgebied”. Wat de conferentie heeft opgeleverd? Voor Van der Linden is alleen al het feit dat deze bijeenkomst is georganiseerd al pure winst. “Er is veel onbegrip en onwetendheid tussen natuurbeheerders en boeren. Vooral de relatie met Staatsbosbeheer wordt door boeren als moeizaam ervaren. Om tot samenwerking te komen moeten we aan twee kanten op een positieve manier met elkaar meedenken. Daarvoor is nodig dat alle partijen ook buiten hun eigen straatje kunnen en willen denken. Dat geldt niet alleen voor de natuurbeherende organisaties; wat dat betreft moeten boeren ook hand in eigen boezem steken”. Jan Duijndam onderschrijft dit. “De overheid stimuleert dat partijen gaan samenwerken. Maar hoe moet je dat aanpakken? Staatsbosbeheer heeft andere afspraken met de overheid dan de andere natuurbeheerders. Dat maakt dat men regelmatig lijnecht tegenover elkaar staat. Om samenwerking van de grond te krijgen is een onafhankelijke partij nodig die dingen vlot trekt. En die samenwerking moet duurzaam zijn, alleen dan krijg je een duurzaam resultaat. Tijdens de bijeenkomst zijn zaken openlijk en helder aan elkaar verteld. Dat is heel goed. Ik denk dat er wel paden geëffend zijn om nu vervolgstappen te kunnen nemen.

Naar aanleiding van deze bijeenkomst heeft het ministerie een tweede persbericht uitgegeven. Het manifest, met daarin onder andere tien interviews met boeren die natuurbeheer en landbouw combineren, is digitaal beschikbaar op de website van LNV.

AGENDA

  • 26 november: Bijeenkomst Monitoring & Evaluatie Polder van Biesland

NIEUWE PUBLICATIES

  • Verhalen van Biesland 2008. Judith Westerink e.a. (2009)