English Nederlands

Nieuwsbrief detail

[nieuwsbrief] Boeren voor Natuur - juni 2011


Aanpassing waterhuishouding Erve Loninkwoner
Binnen Boeren voor Natuur op Twickel wordt op de deelnemende bedrijven niet alleen de bedrijfsvoering maar ook de waterhuishouding aangepast op een wijze waar natuur en landbouw beide van profiteren. Vorig jaar is hiervoor op Erve Loninkwoner waar Marwin Hofstede boert onder Boeren voor Natuur de loop van de Hagmolenbeek aangepast (kleinere, meanderende beekloop met aan weerszijden een verlaagd maaiveld dat inundeert bij hoog water). Dat leverde hetzelfde jaar bij het hoge water in augustus al spectaculaire plaatjes op van een buiten de oever getreden beek. Marwin was er blij mee: de beek voert voedingsstoffen aan die worden vastgelegd in de vegetatie (moerasruigte). Dat is een mooie aanvulling, omdat hij binnen Boeren voor Natuur geen mineralen van buiten zijn bedrijf mag aanvoeren. Inmiddels is de beek al druk bezig met natuurlijke processen van erosie (uitslijping) en sedimentatie (afzetting) – zie onderstaande foto.


Dit jaar wordt op Erve Loninkwoner de Buitenbeek aangepast. De kunst is een aanpassing te bedenken waar de natuur van profiteert en waarbij toch een agrarisch bedrijfsvoering (bijv. maaibeheer) plaats kan vinden – de essentie van Boeren voor Natuur dus. Voor de natuur is een verhoging van de grondwaterstand gewenst. Daarmee kan de verdroging van het aanliggende heideterrein worden tegengegaan en de verwachting is dat op de agrarische gronden ook meer plantensoorten zich vestigen. Marwin vindt dat prima. Het (grond)water betekent ook hier een natuurlijke aanvoer van voedingsstoffen. Maar hij wil de gronden wel binnen zijn schapenbedrijf kunnen blijven gebruiken: ten minste één keer per jaar maaien en daarna beweiding. Het zoeken is dus naar een inrichtingsplan dat hieraan voldoet.

Waterschap Regge en Dinkel, Marwin, de Stichting Twickel als grondeigenaar, de Stichting Boeren voor Natuur Twente die de pilot begeleidt en de Dienst Landelijk Gebied als inhoudelijk adviseur hebben de afgelopen periode hierover intensief en goed overleg gehad. Er zijn veel gegevens verzameld over waterhoeveelheden, bodem, hoogtes, enzovoort. De gegevens en theorieën zijn in het veld en aan de ervaringen van Marwin getoetst: kloppen de gegevens en theorieën met wat het landschap vertelt en met Marwins kennis van en ervaring met de percelen? En hoe moet het inrichtingsplan er dan uit zien? Dit overleg heeft ertoe geleid dat er voor de zomer een inrichtingsplan gereed zal zijn dat voldoet aan de voorwaarden van Boeren voor Natuur en dat dit jaar ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd.

Stralende dag voor vrijwilligers Biesland
Vrijwilligers en andere betrokkenen bij Boeren voor Natuur in Biesland bleven voor de jaarlijkse excursie dicht bij huis: zij brachten een dagje door op en rond Hoeve Biesland. Zaterdag 21 mei sjouwden meer dan 25 personen door het land met verrekijker, statief, visnet en vlindernet om nieuwe dingen te ontdekken en te leren. Iedereen moest zich bezighouden met voor hem of haar onbekend terrein. Frans Eijgenraam maakte zijn groep deelgenoot in de kunst van het ‘vogelen’. Het lijkt dit jaar goed te gaan met de weidevogels in de polder en er was dan ook volop te zien. De Grutto’s, Tureluurs en Kieviten vlogen ons om de oren en ook sommige pullen lieten zich mooi bekijken.


Fabrice Ottburg stuurde zijn groep met schepnetten de sloten in om te bekijken wat er zoal rondzwemt. In de Bieslandse poldersloten komt de Rode Amerikaanse rivierkreeft steeds vaker voor, een exoot die je liever kwijt dan rijk bent. Het zijn zeer opportunistische eters die weinig eisen stellen aan hun dieet: ze eten plantaardig én dierlijk voedsel (inclusief larven). Ook stellen ze niet al te veel eisen aan het water waarin ze leven. Kortom, de soort houdt zich erg makkelijk in stand en hun snelle verbreiding gaat ten koste van ander waterleven. Vooral voor amfibieën en viseieren vormen zij een bedreiging. Gelukkig was er in de sloten (nog) voldoende te zien, zoals baars, blankvoorn, kleine modderkruipers en zelfs een juveniele snoek.


De groep die op stap was met Michel Barendse kwam van alles te weten over juffers en libellen. Het makkelijke deel (hoe zie je het verschil tussen een juffer en een libel) was voor iedereen een eitje. Het andere deel was heel erg lastig: (1) vang een juffer (2) vang een libel (3) welke soort is het? Alle fratsen met het vlindernet ten spijt lukte het slechts een ‘leerling’ (Clara Muntinga) om een juffer in het vlindernet te krijgen. Michel ving er zelf daarom maar een aantal zodat ze goed konden worden bekeken (in een doorzichtig schaaltje met deksel) en op naam gebracht. Prachtige diertjes, met mooie details die je goed moet bestuderen om te bepalen welke soort het is.


De ochtend vloog voorbij en niemand maakte aanstalten om nog te wisselen van groep – men vond het erg leuk om zich eens te verdiepen in de hobby/het vak van een ander. Er waren zelfs enkele geruchten over mogelijke overlopers (in plaats van vogels libellen gaan monitoren …).

Voor het inventariseren van sloten wordt wel de techniek van het elektrovissen gebruikt. Fabrice gaf een demonstratie. Gehesen in een rubberpak (strakke latex met hoge laarzen) ging hij te water met een apparaat waarmee een stroomveld in het water wordt opgewekt. Hierbij fungeert de rand van het schepnet als positieve pool en de kabel in het water als negatieve pool. Binnen een afstand van één tot twee meter rond de positieve pool worden vissen door de stroom aangetrokken en tijdelijk verdoofd. Op deze manier kunnen ze gemakkelijk worden opgeschept en gedetermineerd. Vissen buiten die afstand vertonen vluchtgedrag en zwemmen weg. Er is daarom een achtervanger nodig met een steeknet om de gemiste vissen af te vangen. Deze rol was weggelegd voor Jan Duijndam. Gezien de spannende combinatie van water en elektriciteit liet hij zich deze keer erg goed aansturen. Deze manier van inventariseren is zeer geschikt voor sloten met veel obstakels, omdat de vissen vanuit hun schuilplaats naar de positieve pool zwemmen. De aanwezige kinderen stonden op de kant om (zonder enige angst) de vangst in een grote bak te doen. Ter geruststelling: alles wat er die dag gevangen is, is weer netjes losgelaten.


Maar Hoeve Biesland is natuurlijk niets zonder de koeien. Voor het laatste onderdeel ging het gezelschap dan ook de stal in. Marleen Plomp en Gidi Smolders begeleidden de groep in het boordelen van de conditie van koeien. Een select groepje was die ochtend in de stal gehouden om model te staan (en te lopen). Waar je op moet letten? Een hele waslijst; hier slechts een paar voorbeelden. Zijn ze schoon (aan de poten, flanken, uiers, spenen)? Is de huid overal gaaf of is er sprake van beschadigingen? Zijn ze dik, zijn ze dun, gemiddeld? Hebben ze een snotneus? Ogen OK? Hoe is de mest (wel eens van ‘staande mest’ gehoord)? Zijn de hoeven gelijk? Hoe lopen ze; zijn ze kreupel? Op bedrijven worden dit soort standaardlijsten ingevuld om de conditie van de koeien per bedrijf door de jaren heen te monitoren. Ook op Hoeve Biesland is dit het geval. De groep heeft behoorlijk zijn best gedaan en was het over de meest duidelijke punten ook wel eens. Maar de conclusie was dat ook deze monitoring echt een vak apart is. Net als koeien melken met de hand. Koe Anita laat het rustig toe, maar voor de leek valt het niet mee. Gelukkig is Mieke Duijndam er dan bij om snel een klein bekertje verse melk voor je te melken.

Het was een gezellige en bijzonder leerzame dag. Zonovergoten, met een geweldige biologische lunch (dankzij Sjaak Borsboom van Biesland Kookt en zijn werkgever, Restaurant Rosso uit Delft), vrolijke deelnemers en dorstig weer. De borrel na afloop was dan ook meer dan welkom.

Umfassungsweg op Erve Bokdam geopend

Voor Twickel is het Pact van Twickel gesloten dat er onder andere in voorziet dat er een Umfassungsweg om het landgoed komt voor wandelaars om van het landgoed te kunnen genieten. De Umfassungsweg loopt ook over Erve Bokdam waar André Luttikhedde boert onder Boeren voor Natuur. Deze Umfassungsweg werd op 16 februari geopend op Erve Bokdam, waarbij André uitleg gaf over Boeren voor Natuur. De Umfassungsweg is geen onderdeel van Boeren voor Natuur, maar biedt wel een unieke mogelijkheid het concept onder de aandacht van een breder publiek te brengen.

Inrichtingsplan Bethunepolder definitief

De onderzoekers kunnen verder met de verkenning Boeren voor Natuur in de Bethunepolder, nu de peilen en het inrichtingsplan helder zijn. Op 28 februari 2011 is de Verklaring Herinrichting Bethunepolder ondertekend door bestuurders van de Provincie Utrecht, Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht, Gemeente Amsterdam, Gemeente Stichtse Vecht, de directeur van Staatsbosbeheer Regio West, en de voorzitters van de beide bewonersverenigingen in de Bethunepolder. Deze verklaring was het resultaat van uitgebreide gesprekken over een nieuw inrichtingsplan met een aangepast peilbeheer, nadat bewoners in 2009 in actie waren gekomen over eerdere plannen. Eén van de eisen van de bewoners, dat de beide boerenbedrijven in de polder behouden kunnen blijven, is vastgelegd in de Verklaring. Staatsbosbeheer en Waternet (het drinkwaterbedrijf van de gemeente Amsterdam) werken nu aan een beheerplan voor de polder en denken onder meer na over de rol die de beide boerenbedrijven kunnen spelen in het toekomstige beheer. Boeren voor Natuur zou een model daarvoor kunnen zijn. Alterra en De Vries Projectregie kunnen nu in overleg met de boeren gaan bepalen welke landbouwkundige productie met de nieuwe peilen en natuurtypen nog mogelijk is. De gewasopbrengst bepaalt het aantal dieren dat gehouden kan worden en de melk- en vleesproductie. Deze gegevens zijn nodig om bedrijfsplannen uit te werken en te bepalen welke natuurvergoeding nodig is.

Andere initiatieven: Verkenning Emst voor Geldersch Landschap en Geldersche Kasteelen

Geldersch Landschap overweegt om op hun terreinen in de omgeving van Emst een natuurgericht ‘Boeren voor Natuurbedrijf’ te realiseren. Het zou gaan om een extensief, gemengd agrarisch bedrijf dat door een zelfstandige ondernemer wordt geëxploiteerd. Naast de productie van melk, vlees en fokmateriaal worden ook inkomsten gegenereerd uit beheer en ontwikkeling van landschap en uit dienstverlening op het gebied van eductie, recreatie en zorg. Geldersch Landschap vroeg Alterra te schetsen hoe een dergelijk bedrijf er bedrijfstechnisch en economisch uit zou kunnen zien. Inmiddels is het rapport afgerond en is de vraag wat Geldersch Landschap heeft gemotiveerd en wat de stand van zaken is. Ton Roozen, plaatsvervangend directeur: “Wij houden van een vernieuwende aanpak, dus zodra wij in onze invloedssfeer mogelijkheden zien om iets van de grond te trekken, denken we daar serieus over na. We hebben besloten een eerste verkenning te laten uitvoeren, en daarbij hadden we de voorkeur deze te laten uitvoeren door de bedenker van het concept.”

Via Anton Stortelder waren ze bij Geldersch Landschap al langer met het concept Boeren voor Natuur bekend. “Het meest interessant van dit concept is het feit dat het teruggrijpt naar de principes hoe anderhalve eeuw geleden natuur in stand werd gehouden. De condities maakten dat natuur er überhaupt was: door de lage intensiteit van het landgebruik waren er altijd wel plekken die niet gebruikt werden en waar spontane natuur zich kon ontwikkelen. In feite willen we die condities weer creëren maar dan wel met een ander mechanisme erachter”, aldus Roozen. Want daar zit hem dus de kneep: een dergelijk bedrijf is alleen mogelijk als het financieel ook ‘uit’ kan. Roozen: “Voor landschapsbeheer door boeren is een extra financiële prikkel nodig. Dat kan bijvoorbeeld door beheerovereenkomsten af te sluiten, maar dit is een ander concept waarbij de kringloopgedachte en het ondernemerschap en creativiteit van de ondernemer centraal staan. Dat spreekt aan”.

De ervaringen in de twee pilots in Biesland en Twickel laten zien dat een van de heikele punten de financiering is. Hoe krijg je een fonds van voldoende omvang op poten, en hoe krijg je de betaling uit een fonds waarin ook overheidsgelden zijn gestort, goedgekeurd op Europees niveau? De verwachting is dat dat voor een organisatie als Geldersch Landschap eenvoudiger zou zijn – geen overheidsgeld, dus ook geen staatssteuntoets. “Financiering is zeker niet makkelijker, sterker nog, als we het concept op onze organisatie willen loslaten is het zelfs moeilijker” vindt Ton Roozen. “Het oorspronkelijke concept gaat er van uit dat een fonds gecreëerd kan worden, waarbij het niet nodig is de grond aan te kopen. Het geld wat hiermee wordt ‘bespaard’, wordt weggezet in een fonds en uit het rendement ervan wordt de jaarlijkse bijdrage gegenereerd. Op het moment dat die grond al gekocht is en overgedragen aan de terreinbeherende organisatie is dat geld niet meer beschikbaar.”

Roozen geeft aan dat het onzeker is of het Boeren voor Natuur-bedrijf inderdaad zal worden gerealiseerd op de betreffende plek. “Maar het bedrijfsplan dat er ligt is zeker bruikbaar, al was het alleen maar omdat het ook een bijzonder interessant landschapsplan met zich meedraagt. Dat betekent dat de gronden in elk geval ingericht kunnen worden volgens dat landschapsplan. Ook het gedachtengoed van Boeren voor Natuur is bruikbaar, maar er zullen varianten op bedacht moeten worden die haalbaar zijn in deze tijd van schaarste van middelen. Er is op dit moment overal in Nederland een discussie gaande over de herijking van de EHS. Daarbij gaat het vooral over de prioritering van middelen. Het is zou goed zijn om ook dit concept bij deze herijking te betrekken.”
Het rapport Bedrijfsopzet natuurgericht landbouwbedrijf Emst-Zuid is beschikbaar via deze link.

AGENDA

  • Najaar 2011: Bijeenkomst Monitoring en Evaluatie polder van Biesland

NIEUWE PUBLICATIES

  • Verhalen van Biesland 2010. Judith Westerink e.a. (2011)
    Deel 1
    Deel 2
  • Boeren voor Natuur. Monitoring van drie natuurgerichte bedrijven op Twickel in 2009. Anton Stortelder e.a. (20110)
  • Bedrijfsopzet natuurgericht landbouwbedrijf Emst-Zuid. Carel de Vries, Anton Stortelder e.a. (2011)
  • Landschappelijke verkenning Emst-Zuid. Anton Stortelder e.a. (2011)
  • Boeren voor Natuur, waar kan dit concept met succes worden ingevoerd? Anton Stortelder en Michel Kiers (2011)